Flatcoated Retriever

De Flatcoated Retriever

een korte beschrijving van het ras

Een slimme, actieve hond van medium grootte en een intelligente expressie, toont kracht zonder grofheid en snelheid zonder iel te zijn.

Rijkelijk bedeeld met natuurlijke aanleg voor jacht, optimisme en vriendelijkheid getoond door enthousiaste staartbewegingen, zelfverzekerd en lief. 

Rasstandaard

Flatcoated Retriever (312)

Origine:
Groot-Brittannië.

Hoofd:
Lang en mooi gevormd.

Schedel:
Plat en middelmatig breed. 

Stop:
Matige stop tussen de ogen, zeker niet geaccentueerd, een dalende neuslijn als een wipneus moet worden vermeden. 

Neus:
Van goede grootte met open neusgaten. 

Kaken/tanden:
Lange en sterke kaken, in staat zijn om een haas of een fazant te dragen. Met een perfect, regelmatig en compleet scharend gebit, dwz boventanden die juist de ondertanden overlappen en rechtop in de kaken staan. Tanden moeten evenredig en sterk zijn.

Ogen:
Van medium grootte, donker bruin of hazelnootkleurig, met een hele intelligente expressie. Een rond bol ook is hoogst ongewenst. Niet schuin geplaatst.

Oren:
Klein en goed geplaatst, dicht bij het hoofd.

Nek:
Hoofd goed geplaatst op de nek. De nek is redelijk lang en vrij van keelhuid. De nek moet evenredig zijn en schuin geplaatst op de schouders, vlot overgaan naar de rug waardoor een gemakkelijk zoekhouding wordt bevorderd.

Lichaam:

Lendenen:
Kort en vierkant. Open lendenen zijn hoogst ongewenst. 

Borst:
Diep en redelijk breed, met een duidelijk afgelijnde borstkast. Voorribben redelijk vlak. Lichaam is goed geribd die geleidelijk overgaan naar goedgebogen in het midden. Buiklijn lichtjes opgetrokken naar de achterhand.

Staart:
Kort en recht en juist geplaatst. Vrij gedragen, maar nooit boven de ruglijn.

Ledematen:

Voorhand:
Voorbenen zijn recht, van een goede algemene kwaliteit en met een goed bone.

Ellebogen:
Bewegen zuiver en dicht tegen het lichaam. 

Voorvoeten:
Rond met sterke, gesloten tenen en zijn goed gebogen. Voetzolen zijn sterk en dik.

Achterhand:
Gespierd. Moet in op alle vlakken juist zijn.

Hoeking: 
Matig gebogen. 

Hak:
Matig gebogen, goed laag geplaatst. Koehakkig hoogst ongewenst.

Achtervoeten:
Rond met sterke, gesloten tenen en goed gebogen. Voetzolen sterk en dik.

Beweging:
Vrij en zwevend, recht en zuiver zowel in voor- als achteraanzicht.

Vacht:
Dicht, van een fijne tot medium structuur en van een goede kwaliteit. Zo vlak als mogelijk. Benen en staart bevederd. De elegantie van een goede volwassen hond wordt vervolledigd met een volledig behang.
Alleen de kleuren zwart en lever zijn toegestaan.

Grootte en gewicht:
Gewenste hoogte reuen 59-61,5cm (27-36kg)
Gewenste hoogte teven 56,5-59cm (25-32kg)

Fouten:
Iedere afwijking op bovengenoemde punten, moet als fout overwogen worden en beoordeeld worden naargelang de fout, rekening houdend met de gezondheid en welzijn van de hond, waarbij deze de mogelijkheid moet hebben om zijn oorspronkelijk werk te kunnen verrichten.

Diskwalificerende fouten:
- agressief of overdreven schuw
- elke hond die duidelijk fysieke of gedragsafwijkingen vertoond moet gediskwalificeerd worden

NB: Reuen dienen 2 normale ontwikkelde testikels te hebben, die volledig in het scrotum zijn ingedaald. 
Alleen functionele en klinisch gezonde honden, met typische rasconformatie mogen gebruikt worden voor de fok. 

Foto's

Ziektes

Heupdysplasie (HD) is een ontwikkelingsstoornis van de heupgewrichten. Het kan erfelijk zijn, maar omgevingsfactoren spelen ook een rol bij de ontwikkeling. Een hond kan veel last hebben van HD, maar dat hoeft niet. Aan de buitenkant kun je niet zien of een hond HD heeft, dus als je hond goed kan lopen, hoeft dat nog niet te zeggen dat zijn heupen perfect zijn. Om echt te kunnen zien of je hond HD heeft, zijn (digitale) röntgenfoto’s van zijn heupen nodig.

Beoordelen van de HD-foto’s

Een speciale commissie kijkt bij het beoordelen van de foto’s naar de vorm van de heupkommen en de heupkoppen, de diepte van de heupkommen, de aansluiting van de heupkoppen in de heupkommen en de aanwezigheid van botwoekeringen langs de randen van de heupgewrichten.

Een indicatie voor de kwaliteit van de heupgewrichten is de zogenaamde "Norbergwaarde". Hoe hoger de Norbergwaarde, hoe dieper de kop van het bovenbeen in de kom van de heup zit. Als de kop diep in de kom zit, dan zit dat vaak goed stevig en is er minder kans op botwoekeringen en andere problemen. Een hond met ondiepe heupkommen en/of een slechte aansluiting van de gewrichtsdelen en kan vaak niet meer de hoogste score (A) halen.

Een normale of zelfs hoge Norbergwaarde betekent helaas niet zonder meer dat de betreffende hond goede heupgewrichten heeft. De uiteindelijke HD-beoordeling is namelijk ook van meerdere factoren afhankelijk, zoals de aansluiting van de gewrichtsdelen en eventuele botafwijkingen. Er is een rechtstreekse koppeling tussen de ernst van de botafwijkingen en de uitslag: zeer lichte botafwijkingen (1) leiden tot de beoordeling HD B, lichte botafwijkingen (2) leiden tot de beoordeling HD C, en ernstige botafwijkingen (3) leiden tot de beoordeling HD D.

Er kan ook sprake zijn van "vormveranderingen". Meestal gaat het dan om een afvlakking van de voorste rand van de heupkom. De aanwezigheid hiervan wordt wel vermeld, maar heeft in het algemeen geen doorslaggevende betekenis voor de einduitslag.
Alle gegevens samen bepalen de definitieve eindbeoordeling. Het kan zijn dat slechts één aspect de doorslag geeft, maar het kunnen ook meerdere factoren samen zijn die de uiteindelijke eindbeoordeling bepalen. Je kunt dit afleiden uit de informatie op het certificaat.

Uitslag van het HD-onderzoek

Er zijn verschillende FCI-einduitslagen mogelijk:

HD A (=negatief): je hond is op basis van de röntgenfoto vrij van HD; dit betekent niet dat je hond geen "drager" van de afwijking kan zijn.

HD B (=overgangsvorm): op de foto’s zijn kleine veranderingen zichtbaar die het gevolg zijn van heupdysplasie.

HD C (=licht positief) of HD D (=positief): je hond laat duidelijke veranderingen zien die passen in het ziektebeeld van HD.

HD E (=positief in optima forma): de heupgewrichten zijn ernstig misvormd.

Houd er rekening mee dat een HD A uitslag niet betekent dat je hond nooit last zal krijgen van HD. Omgekeerd betekenen duidelijke misvormingen ook niet dat de hond er beslist last van zal krijgen. Het is wel verstandig om er op te letten dat je (de heupgewrichten van) je hond niet te zwaar belast. In geval van twijfel kun je dit met je dierenarts bespreken.

Bronvermelding: Raad van Beheer Nederland 

Elleboogdysplasie (ED) is een ontwikkelingsstoornis van met name het kraakbeen in de gewrichten. Het kan erfelijk zijn, maar omgevingsfactoren dragen vaak ook bij aan het ontstaan van deze aandoening. Sommige honden kunnen op jonge leeftijd al ernstige problemen ondervinden door ED. Bij andere honden leiden ernstige misvormingen in het gewricht pas op latere leeftijd tot kreupelheid. Om echt te kunnen zien of je hond ED heeft, zijn (digitale) röntgenfoto’s van zijn gewrichten nodig. Het ED-onderzoek richt zich op vier verschillende aandoeningen van het ellebooggewricht. Al deze aandoeningen kunnen leiden tot misvormingen in het gewricht en kreupelheid. Het aantal te maken röntgenfoto’s verschilt per ras. Internationaal komen beoordelaars samen om te zorgen dat alle landen op gelijke manier de ellebogen beoordelen. Op de website van de International Elbow Working Group (IEWG) kan je de verslagen van hun bijeenkomsten vinden.

Beoordelen van de ED-foto’s

We spreken over ED als een van de volgende aandoeningen in een ellebooggewricht aanwezig is:

OCD (Osteochondritis dissecans): het loslaten van een stukje kraakbeen van de bovenarm.

LPC (Los processus coronoïdeus): het loslaten van een stukje bot van de ellepijp.

LPA (Los processus anconeus): het loslaten van een stukje bot op een andere plaats van de ellepijp.

Incongruentie: een niet goed "passend" gewricht door een te lange of te korte ellepijp ten opzichte van het spaakbeen.

Er kan ook sprake zijn van een meerdere aandoeningen in een gewricht.

Ieder van de genoemde afwijkingen leidt na enkele maanden tot artrose. Artrose kenmerkt zich door:

Veranderingen van het gewricht (botreactie's) die in de loop van het ziekteproces kunnen ontstaan.

Het blijvende karakter van de veranderingen.

Startpijn: kreupele stappen net na het opstaan.

'Er doorheen lopen': beter lopen na enige tijd.

Een terugval na veel inspanning.

Bij het vaststellen volgen we de normen van de "International Elbow Working Group". Het slechtste gewricht bepaalt de einduitslag.

Uitslag van het ed-onderzoek

Er zijn verschillende uitslagen mogelijk:

Vrij

Graad 1 (lichte mate)

Graad 2 (middelmatig)

Graad 3 (ernstig)

Het is op grond van de foto’s niet mogelijk om te voorspellen of honden die niet vrij blijken te zijn van elleboogdysplasie, maar die hiervan geen uiterlijke verschijnselen tonen, later problemen zullen krijgen. Dit is afhankelijk van de aard en de ernst van de aandoening en het gebruik en de aard van de individuele hond.

Laat de hond niet te zwaar worden en vermijd ook anderszins overmatige belasting van de ellebogen als dat mogelijk is. Raadpleeg je dierenarts in geval van twijfel.

Bronvermelding: Raad van Beheer Nederland 

De patella (knieschijf) zit in de pees van de grote dijbeenspier. Er komen grote krachten op deze spier zodat de poot het lichaam kan dragen en honden kunnen staan, lopen en springen. Om te zorgen dat de knieschijf in het midden van het gewricht blijft is er een groeve, waar de knieschijf doorheen glijdt. Als de knieschijf uit de groeve schiet (patella luxatie), kan dat been het lichaamsgewicht niet meer dragen. Net als bij heupdysplasie en elleboogdysplasie is er een erfelijke basis, maar spelen ook omgevingsfactoren een rol.

Omdat het exterieur (uiterlijk) erfelijk bepaald is, is de aanleg voor knieproblemen ook voor een deel erfelijk. Wanneer een hond O-benen heeft (vaker bij de kleine rassen), wordt de knieschijf naar binnen getrokken. Deze honden ontwikkelen eerder een patella luxatie waarbij de patella over de rand van de groeve naar binnen schiet. Grotere honden hebben eerder een koehakkige bouw. Daar wordt de knieschijf wat meer naar buiten getrokken en zijn er vaker problemen met het naar de buitenzijde verplaatsen van de knieschijf.

Vaak zie je dat een kleine hond met patella luxatie een huppel maakt, met één van zijn achterpootjes hoog opgetrokken. In milde gevallen schiet de knieschijf vanzelf terug zodra de achterpoot weer in de normale stand staat. Als de aandoening erger is of wordt, schiet de knieschijf regelmatig van zijn plaats. In ernstige gevallen van patella luxatie is het kraakbeen van de groeve dusdanig misvormd (afgevlakt) dat de knieschijf constant uit de groeve (van zijn plaats) is.

Om na te gaan of de hond patella luxatie heeft, moet de hond fysiek onderzocht worden, het is niet mogelijk om met röntgenfoto’s de Patella luxatie gradatie te bepalen.

Afhankelijk van de ernst van de aandoening kun je ervoor kiezen de hond te laten opereren. Hoewel dit een moeilijke operatie is, zijn de resultaten vaak erg goed.

Gradaties van patella luxatie

De volgende gradaties worden gehanteerd:

Patella luxatie vrij (vast):
De knieschijf is met nauwkeurig onderzoek bij de ontspannen hond niet uit de groeve van het dijbeen te verplaatsen.

Patella luxatie vrij (flexibel):
De knieschijf is makkelijk te verschuiven in zijwaartse richting tot op de rand van de groeve, maar er niet overheen.

Patella luxatie Graad 1:
Alleen bij zijwaartse druk op de patella is deze te verplaatsen (naar binnen en/of naar buiten) uit de groeve en keert, na loslaten, spontaan direct terug in de groeve.

Patella luxatie Graad 2:
De patella luxeert spontaan uit de groeve naar binnen en/of naar buiten en keert ook weer spontaan terug in de groeve door draaien aan het onderbeen.

Patella luxatie Graad 3:
De patella ligt permanent (blijvend) buiten de groeve, naar binnen of naar buiten, maar is manueel terug te plaatsen in de groeve.

Patella luxatie Graad 4 / operatie:
De patella ligt permanent buiten de groeve, naar binnen of naar buiten, en is niet manueel terug te plaatsen in de groeve. Graad 4 wordt ook gegeven aan honden die voorafgaande aan het onderzoek geopereerd zijn, waardoor de Patella luxatie graad niet te beoordelen is.

Bronvermelding: Raad van Beheer Nederland 

Fokkers

Velvet Hunters

7411 JA Deventer
The Netherlands
Tel.: +31 (0)570642941

Bel Ami Belge

2320 Hoogstraten
Belgium
info@belamibelge.be

Flat Passion's

9790 Wortegem-Petegem
Belgium
Tel.: +32 (0)497/91 21 23

Perfect Promise

8340 Damme
Belgium
Tel.: +32 (0)472/95 66 99

© Koninklijke Belgian Retriever Club 2020 - Webdesign & maintenance: Dogsite.be